Persbericht
Borstkanker triple-negatief: beter begrijpen waarom sommige patiënten reageren op immunotherapie

Brussel, 29 september 2026 - Een internationale studie, waaraan het Institut Jules Bordet (H.U.B) meewerkte, draagt bij aan een beter inzicht in de respons op immunotherapie bij triple-negatieve borstkanker.
Bij gevorderde triple-negatieve borstkanker kan immunotherapie worden voorgesteld in combinatie met chemotherapie. Niet alle patiënten reageren echter op dezelfde manier op deze behandeling. Onderzoekers proberen daarom beter te begrijpen waarom.
De studie, gepubliceerd in het prestigieuze wetenschappelijke tijdschrift Cell Reports Medicine, maakt onder meer gebruik van tumorstalen die werden verzameld in het kader van SYNERGY, een internationale klinische studie die werd gecoördineerd door het Institut Jules Bordet. Dankzij deze stalen konden de onderzoekers de kenmerken van de tumoren en van hun micro-omgeving zeer grondig bestuderen.
De studie werd uitgevoerd binnen IMMUCAN, een Europees consortium dat onderzoekers en gespecialiseerde centra samenbrengt om de mechanismen van respons op en resistentie tegen kankerbehandelingen beter te begrijpen. De onderzoekers combineerden verschillende technologieën om zowel de kenmerken en activiteit van tumorcellen als de cellen die hen omringen, in kaart te brengen.
De onderzoekers ontdekten dat het gedrag van een tumor niet alleen wordt bepaald door de kankercellen zelf. Ook de omgeving rond de tumor speelt een belangrijke rol. Sommige tumoren worden omringd door een omgeving die de werking van het immuunsysteem lijkt te bevorderen. Andere ontwikkelen daarentegen een omgeving die de tumor kan helpen om zich tegen de behandeling te verzetten.
De studie biedt ook meer inzicht in wat er tijdens de behandeling in de tumor gebeurt. Door stalen te vergelijken die vóór de behandeling en na twee weken behandeling werden afgenomen, konden de onderzoekers veranderingen in de micro-omgeving van de tumor vaststellen. Bij patiënten bij wie de ziekte minder gunstig evolueerde, nam het aantal bepaalde immuuncellen, waaronder macrofagen, toe.
“Deze resultaten tonen aan hoe belangrijk het is om niet alleen naar de tumorcel zelf te kijken, maar ook naar de volledige omgeving waarin de tumor zich bevindt”, legt Elisa Agostinetto, onderzoekster aan het Institut Jules Bordet en mede-auteur van de studie, uit. “Een beter inzicht in deze interacties kan ons op termijn helpen om te identificeren welke patiënten het meest baat kunnen hebben bij immunotherapie en om nieuwe strategieën te ontwikkelen om resistentiemechanismen te omzeilen.”
Deze studie illustreert ook de waarde van internationale samenwerkingen in academisch onderzoek. Door onderzoekers, clinici en complementaire expertise samen te brengen binnen initiatieven zoals IMMUCAN, met de steun van organisaties zoals de EORTC (European Organisation for Research and Treatment of Cancer), die internationale klinische kankeronderzoeken coördineert en ondersteunt, en de BIG (Breast International Group), een internationaal netwerk voor klinisch onderzoek naar borstkanker, wordt het mogelijk om stalen die tijdens klinische studies werden verzameld grondig te analyseren en de resultaten te vergelijken met gegevens van andere patiëntengroepen.
De studie onderstreept ook het belang van Europese financiering, die essentieel is om internationale samenwerkingen en dit soort academisch onderzoek mogelijk te maken en verder te ontwikkelen.
Op termijn kunnen deze onderzoeksresultaten bijdragen aan een meer gepersonaliseerde behandeling van triple-negatieve borstkanker en aan de identificatie van nieuwe therapeutische pistes.
